Het is vermakelijk om het gedrag te zien van de verschillende vogels en konijnen tijdens het zoeken naar voedsel. Niets menselijks is hen vreemd. (Of zou het zijn: 'niets dierlijks is de mens vreemd'?!).
Zodra 's ochtends de gordijnen open gaan komt er al eens een roodborstje nieuwsgierig kijken of er al wat te halen valt. Dat liedje, 'roodborstje tikt' is zo gek nog niet, maar dat terzijde. De roodborstjes komen tot heel dicht bij huis, gaan voor de deur zitten wachten op het voeraanbod.
Ze kijken af en toe even naar binnen of je al opschiet met de voorbereidingen van de voerronde.
Veel geduld hebben ze niet.
Ik pluk een paar boterhammen in kleine stukjes, doe er nog het klokhuis van een appeltje bij en een handvol strooivoer. En dan kan het feest beginnen.
Als snel na de roodborstjes komen de merels, de koolmeesjes, de pimpelmeesjes, de vinken, konijnen en sinds gisteren ook een stel duiven, en op de loer zit een stel kraaien.
De kraaien vind ik het minst leuk. Die sturen eerst een verkenner, en is de kust veilig (lees: is er geen mens in de buurt), dan strijken ze neer in grote getale en is het schrok, schrok, schrok, en weg is alles. En dan ook alles: het voer is op en de andere dieren hebben een veilig heenkomen gezocht.
Het is ook erg vermakelijk om te zien hoe de andere dieren op elkaar reageren. Zit er een stel vogels te eten, en komt een konijn een kijkje nemen, dan jaagt het konijn meestal eerst de vogels weg, gaat rustig zitten eten, waarna de vogels er weer bijkomen en dan eten ze gezamenlijk verder.
Bepaalde vogels willen het alleenrecht. Wanneer er een andere vogel in de buurt komt dan wordt er een gevecht geleverd, en zitten ze elkaar soms een behoorlijk eind achterna.
Het grappige daarvan is dan weer dat andere vogels gebruik maken van zo'n gevecht. Wanneer de vechtersbaas een andere vogel achterna zit, zijn anderen zo dapper om snel te gaan eten. De vechtersbaas heeft zichzelf te pakken met zijn gedrag: aan eten komt hij vrijwel niet toe, te druk met het verdedigen van zijn territorium.
Wat ik ook prachtig vind: pimpelmeesjes die aan de netjes met vetbollen bungelen, en roodborstjes die daar dankbaar gebruik van maken door tegelijkertijd recht onder de netjes te zoeken naar gevallen kruimeltjes!
Een roodborstje kijkt goed naar de acrobatische toeren van de koolmeesjes en pimpelmeesjes. In een onbewaakt ogenblijk doet hij een poging om ook acrobaat te worden en probeert hij (de grondeter) dapper een netje de baas te worden:
Wat ik ook mooi vind:: nu het dooit, zoeken alle gasten ook weer verder van huis naar voedsel: het duurt veel langer voordat het aangeboden voer op is!
Wat kunnen we nu van al dit soort dingen leren??
Ik weet het nog niet precies, maar het zet me wel steeds weer aan het denken :-).
Goodgoan, Gera